Home

Onlangs mocht ik, als ervaringsdeskundige, gaan spreken over integratie in Roeselare, mijn stad. Dat doe ik de laatste tijd steeds vaker. Ze wilden weten hoe ik mij hier heb ingeburgerd, en welke formules ik daarvoor gebruikt heb. Of ik tips heb voor het middenveld, de politici en vrijwilligers die met mensen zoals ik in contact komen. Het was een rondetafelgesprek waarvoor ik niet veel voorbereid had. De vragen die ik zeker moest beantwoorden stonden op een gekreukt blaadje dat precies al jaren in mijn broekzak had gezeten en verschillende wasbeurten had overleefd.

‘Een goeie allochtoon’

We waren met twee sprekers en ik mocht beginnen. Eerst vertelde ik over het vluchten, het Nederlands leren, mijn Vlaamse vriendjes en vriendinnetjes en het resultaat van dat alles. Ik vandaag. Wie ben ik? Wat studeer ik? Waar ben ik mee bezig in mijn vrije tijd? Wat zijn mijn passies? Angsten? Heb ik onzekerheden? Wat heeft een positieve bijdrage geleverd aan mijn integratie? Zijn er momenten geweest waarop ik me niet welkom voelde?

Ondanks het feit dat ik wit ben en er soms een blonde schijn op mijn haar valt, heb ik me in België heel lang onwelkom gevoeld. Je zou de mensen hun gezichten eens moeten zien wanneer ik hen vertel dat ik hier niet geboren ben. Wanneer ik hen vertel dat ik islamitische ouders heb vallen ze helemaal achterover. Stiekem geniet ik daarvan. Daarom wacht ik ook telkens het perfecte moment af om mijn kaarten op tafel te leggen. Of wanneer ze aan het klagen zijn dat we ons niet willen ‘integreren’. Veel mensen weten volgens mij niet wat ze daarmee bedoelen.

“Maar jij bent anders, Deniza. Jij bent een goeie allochtoon”, zeggen ze dan. De moed zinkt me dan in de schoenen.

“Hoezo? Ik ben een ‘goeie allochtoon’?”

“Wel ja, jij bent geïntegreerd.”

Ik ben inderdaad geïntegreerd en dat durf ik ook zonder gêne zeggen. Maar ik luister nog steeds naar Kosovaarse muziek, spreek en schrijf de taal vloeiend, kook onze traditionele gerechten en leef volgens de waarden en normen die ik van thuis uit meekreeg. Maar wat maakt mij dan zo ‘goed’?

Zoals ik net zei, heb ik me heel lang onwelkom gevoeld. Er was niets wat me verbond met dit land. Mijn roots lagen elders en wanneer ik buiten liep zag ik niets herkenbaars. Niets dat me het gevoel gaf thuis te zijn of deel uit te maken van deze samenleving. Ik had heimwee naar mijn thuisland en naar mijn familie. Soms was het zo erg dat ik al huilend naar mijn opa belde. Ook op school waren we met heel weinig mensen met migratieachtergrond. Het was een witte school. Een goeie weerspiegeling van mijn stad.

Mijn tweede thuis

Roeselare is een braaf, wit stadje en dat heb ik altijd jammer gevonden. Wanneer er dan toch een Kosovaars of Albanees kind op mijn school zat, voelde ik me veiliger en meer op mijn gemak. Eindelijk iemand zoals ik. Toch bestond mijn vriendenkring enkel uit welgestelde Vlaamse meisjes. Ik was blij en dankbaar dat ik deel mocht uitmaken van hun vriendengroep omdat ik bang was om gepest te worden. De ‘buitenlanders’ waren een groepje apart op de speelplaats en die waren niet welkom bij de Belgen. Mijn Vlaamse vriendinnen zag ik ook in mijn vrije tijd. We zaten samen in de pianoles, gingen naar dezelfde middelbare school en studeren nu allemaal verder. Veel van mijn toenmalige Kosovaarse vriendinnen niet. Is het puur toeval of is daar een verklaring voor? Dit is een vraag die me al even bezighoudt.

Zolang ik me kan herinneren, droom ik van een betere en solidaire wereld. Het feit dat ik een oorlogsvluchteling was zal daar veel mee te maken hebben. Al zal mijn papa mij ook wel wat iets meegegeven hebben. Hij was zelf jarenlang activist in Kosovo. Ondanks dat het altijd kriebelde om iets te betekenen voor de maatschappij, heeft het lang geduurd vooraleer ik me actief begon te engageren voor een specifiek doel. Vanuit mijn cultuur wordt het niet altijd geapprecieerd wanneer een meisje naar buiten komt met een eigen mening. Dan ben je al rap een schande voor de hele Kosovaarse gemeenschap. Ik ben altijd al de rebel geweest tussen de meisjes van mijn cultuur. Mijn ouders zaten er (godzijdank) niet mee in wat de mensen zeiden of gingen zeggen. Ze stimuleerden me zelfs, al kregen ze hier bakken kritiek over.

“Als het misloopt met Deniza, is het jullie eigen schuld. Ze heeft te veel vrijheid.”

Welkom in België

Omdat ik actief was geweest in de leerlingenraad van mijn middelbare school, besliste ik me ook in het hoger onderwijs in te zetten voor de studentenraad, waarvan ik nu voorzitter ben. Het gaf me een goed gevoel iets te betekenen voor de medeleerlingen/-studenten en een aanspreekpunt te zijn wanneer er klachten of vragen waren. Omdat ik hunkerde naar meer, besloot ik lid te worden van de Jeugdraad van Roeselare. Ik had al vaak over de Jeugdraad gehoord maar uit angst en onzekerheid (lees: ik dacht dat het allemaal masterstudenten Politieke Wetenschappen waren) durfde ik de stap niet zetten. Om de één of andere reden geloofde ik niet dat ik een bijdrage kon leveren omdat ik maar een ‘allochtoon’ en waarschijnlijk niet slim genoeg was. Tot ik eens op Facebook zag dat de Jeugdraad een gratis uitstap naar het Europees Parlement organiseerde en er nog plaatsen vrij waren. Ik ging uiteindelijk niet mee maar de bal ging aan het rollen en voor ik het wist maakte ik deel uit van het bestuur. Het was in dat jaar dat ik me aanvaard begon te voelen. Als één van hen. Alsof het laatste puzzelstukje van mijn integratieverhaal eindelijk op zijn plaats viel. Begrijp me niet verkeerd, dat was mijn doel niet maar voor het eerst voelde ik me verbonden met mijn stad en dit land. Terwijl ik altijd verlangde naar de zomervakantie om mijn familie in Kosovo te bezoeken, wilde ik die zomer eerder tijd nemen om na te denken over het komend werkjaar. Ik wilde grootse dingen doen en meer jongeren de kans geven hun stem te laten horen. Hen het gevoel geven dat ze een volwaardig lid van deze samenleving zijn. Dat wil ik vandaag nog steeds.

Het belang van contact

De mensen die mij kennen zullen mij altijd linken aan thema’s zoals vluchtelingen, vrouwenrechten, integratie en alles wat te maken heeft met educatie bij migranten. Sinds ik stappen heb ondernomen om effectief iets te betekenen voor deze specifieke groepen heb ik mezelf gevonden. Niet alleen als Vlaming maar ook als persoon. Het feit dat mijn engagement en mijn werk erkend worden als nuttig en als bijdrage aan de wereld, geeft mij het gevoel goed bezig te zijn en een meerwaarde te hebben voor de samenleving. Ook kreeg ik meer zelfvertrouwen en werd ik hier en daar aangesproken omdat de lokale bevolking mij begon te herkennen. Ik werd een aanspreekpunt wanneer het ging om mensen met migratieachtergrond. Van daaruit ontwikkelde ik een nieuw doel: een brug slaan voor andere ambitieuze jongeren met migratieachtergrond. Langs de ene kant wilde ik niet op een voetstuk geplaatst worden omdat het leek alsof ik iets buitengewoons deed. Het mocht niet lijken alsof het onmogelijk was. Andere jongeren moeten inzien dat ze dit ook kunnen, ongeacht hun afkomst. Langs de andere kant was ik blij dat ik een groot publiek bereikte dat begon toe te nemen. Hoe groter je publiek, hoe meer mensen je boodschap horen. Ik toonde aan dat mensen met migratieachtergrond niet lui en doelloos zijn.

Tijdens een gesprek in ’t Hope, een vereniging waar armen het woord nemen, deed ik voor de zoveelste keer mijn vluchtverhaal. Een dame uit de groep hoorde toen voor het eerst dat ik geen ‘rasechte Belg’ was. Het was haar eerste keer dat ze in rechtstreeks contact kwam met een ‘allochtoon’. Ze gaf toen eerlijk toe dat ze niet warm liep voor de nieuwkomers maar als ze even vriendelijk waren als ik, wilde ze hen een kans geven. Toen besefte ik hoe belangrijk contact is. Contactmomenten en -plaatsen zijn van groot belang in een multiculturele samenleving als de onze. Er is effectief vraag naar meer ontmoeting en via ontmoeting en gesprek kunnen we vooroordelen de wereld uit helpen. En dat kunnen we alleen door te beginnen bij onszelf. Was ik nooit lid geweest van een vereniging en van de muziekschool, had ik niets gemeen met de Vlaamse meisjes uit mijn klas. Had ik me nooit geëngageerd in de studentenraad, de Jeugdraad en het vrijwilligerswerk, dwaalde ik nog steeds rond als klein meisje die de maanden turfde op haar kalender. Dankzij mijn engagement, kreeg ik erkenning. Mijn bijdrage is vaak mijn vluchtverhaal, mijn afkomst, mijn cultuur of gewoon een Kosovaars kinderliedje. Als ik erkenning krijg door mijn verhaal te doen en mijn mening te geven over integratie, dan kunnen andere jongeren dit ook.

De sleutel tot integratie

Wanneer je mij dus vraagt naar de sleutel tot integratie, antwoord ik simpelweg met engagement en contact. Hiervoor spreek ik uit eigen ervaring maar wanneer ik rondkijk naar andere actieve jongeren met migratieachtergrond of van een andere cultuur, zie ik net hetzelfde. We hebben veel meer succesverhalen nodig. Niet alleen om de lokale Vlaamse bevolking te bewijzen dat er meer ‘goeie allochtonen’ bestaan zoals Deniza, Mohamed, Aya of Sabrine. Maar om de jongeren die zich hier niet welkom voelen te stimuleren hun dromen na te jagen en hen het gevoel te geven dat ze meer waard zijn dan de media beweren. Het is geen of-of verhaal. Eerder een en-en verhaal. Ik ben Vlaming én Kosovaar en dat past perfect samen. Ik durf zelfs zeggen dat ik het geluk heb om uit beide culturen het beste te halen en er mijn eigen ding van te maken. Het ene neemt het andere niet weg en daar moeten we het mooie van inzien. Het is een verrijking.

Engagement en contact, twee simpele stappen richting verbondenheid en solidariteit. Laten we daarmee beginnen.

Deniza Miftari is schrijfster, feministe en activiste. Haar maandelijkse column ‘Mag ik iets zeggen?’ verschijnt op Bleri Lleshi’s blog.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

w

Connecting to %s