Home

bleri lleshiOndanks het feit dat de diversiteit blijft toenemen, heeft België nog een lange weg af te leggen wat betreft omgaan met dit gegeven. Van de politiek en de media tot het brede middenveld, allen zijn ze in hetzelfde bedje ziek. Nochtans kan en moet het anders.

Politiek
Liesbeth Homans verraste onlangs vriend en vijand toen ze met het voorstel kwam voor een streefcijfer van 10% voor personeelsleden uit etnische-culturele minderheden bij de Vlaamse Overheid.

Een verrassing gezien diezelfde Homans volhoudt dat racisme relatief is. De vorige regering, waarin haar partij ook zat, had een streefcijfer van 4%. Men realiseerde echter nooit meer dan een aandeel van 3% en dan nog met moeite.

Belangrijk om weten is dat meer dan de helft van die 3% gaat over lagere jobs bij De Lijn. Het aantal mensen met een migratieachtergrond bij leidinggevenden bij Vlaamse Overheid blijft onder 1%.

Van de 9 ministers in de Vlaamse Regering heeft niemand een migratieachtergrond. Ik ben dan maar naar de kabinetsleden gaan kijken.

Van de meer dan 300 kabinetsleden zijn er maar 10 met een migratieachtergrond. Met moeite 3%. ‘Ik haal mijn eigen streefcijfer met gemak’, beweerde Homans in De Morgen (30/10).

Inderdaad: de nieuwe regering heeft de definitie van de doelgroep gewijzigd en ze tellen nu ook mensen met een herkomst van landen binnen de EU mee. En toch, zelfs met die mensen erbij haalt Homans die 10% niet, maar intussen is Vlaanderen een leugen rijker. Een niet onbelangrijk detail voor mijn verhaal: bijna de helft van de kabinetsleden met migratieachtergrond zijn chauffeurs.

Bij federale regering zien we hetzelfde verhaal. Geen enkele minister met een migratieachtergrond en blanke kabinetten. Nochtans telt België in zijn bevolking minstens 10% mensen met migratieachtergrond.

Dan maar eens kijken naar het Brussels Gewest. In Brussel heeft 60% van de bevolking een migratieachtergrond. Daarvan merk je weinig als je naar de Brusselse Regering kijkt: 1 staatssecretaris met migratieachtergrond en van de 300 kabinetsleden is meer dan 80% blank en Belg.

Media

Politiek is belangrijk omdat ze richting geeft aan de samenleving. De politieke beslissingen bepalen ons leven, van bij de kinderopvang tot aan ons pensioen. Behalve politiek zijn media steeds machtiger. Hoe divers zijn de media?

Van de tientallen journalisten bij de VRT kan je degenen met een migratieachtergrond tellen op de vingers van twee handen. Er waren quota nodig van Ingrid Lieten, de vorige minister van media, om aan die zalige 5% te komen.

Bij andere mainstream media is zelfs 1% niet haalbaar. Belangrijk om te weten is dat op het niveau van eindredacties, nieuwsmanagers, leidinggevenden, kortom zij die beslissen, zo goed als alleen blanken te vinden zijn.

Ook de gastsprekers bij de verschillende tv-programma’s van de TV-zenders, van VRT tot en met VIER, zijn bijna volledig blank. Al die eindredacties werken met een lijstje namen dat zwaar wordt gedomineerd door blanke mannen. Het maakt niet uit welk thema in een programma wordt besproken, van Zwarte Piet tot het dragen van een hoofddoek, het is een man – laten we hem bij naam noemen: Etienne Vermeersch – die aanschuift aan de tafel.

Gastcolumnisten bij de meest verkochte kranten en tijdschriften zijn blank. Bij de zogenaamde kwaliteitskranten mag af en toe iemand met een migratieachtergrond een column schrijven. Vlaanderen staat bij momenten in rep en roer omdat Dyab Abou JahJah een column heeft bij De Standaard.

De uitleg die je constant hoort is dat er geen journalisten, sprekers of columnisten zijn met een migratieachtergrond. Aan wie met deze onzin afkomt, lijst ik in 60 seconden zeker 20 namen op van mensen die in aanmerking komen.

Begin dit jaar zat ik in Limburg in een debat over media en beeldvorming samen met columnist Orlando Verde en schrijfster Birsen Taspinar. Moderator was Indra Dewitte, lange tijd het gezicht van De Zevende Dag bij de VRT en nu adjunct hoofdredacteur van Het Belang Van Limburg.

Tijdens het debat stelde ze dat men bij de media die experts met een migratieachtergrond niet kan vinden. Ik antwoordde dat er nochtans drie bij haar zaten. En dat ik verschillende boeken heb geschreven over Brussel, over jongeren en over allerlei sociale en economische thema’s en nooit een uitnodiging van haar had gekregen voor De Zevende Dag. Nog steeds niet overigens…

Ondernemers en vakbonden

Voor diversiteit moet je dus niet bij de politiek en de media zijn. Volgende stop: onze ondernemers.

Op hun websites vond ik deze informatie. Bij het VBO zijn er 44 medewerkers in dienst, niet één met een migratieachtergrond. Bij VOKA heeft 1 van de 55 medewerkers een migratieachtergrond. Bij UNIZO werken, verspreid over de 5 Vlaamse provincies, ongeveer 130 medewerkers waarvan 2 met een migratieachtergrond. Werkgeversorganisaties doen het dus zelfs nog slechter dan de politiek en de media.

De vakbonden lopen achter op het digitale tijdperk en dus kon ik op hun websites geen namen vinden van hun medewerkers. We weten wel dat de vakbonden ook geen te volgen voorbeeld zijn wat betreft diversiteit. Het is algemeen bekend dat bij de vakbond weinig mensen met migratieachtergrond werken. In leidinggevende functies zo goed als geen, net zoals bij de media en de werkgevers.

Het middenveld

Ik zoek verder. Mijn hoop is nu gevestigd op het middenveld. Ondanks de huidige besparingen blijft het middenveld een belangrijke actor in België, die honderdduizenden mensen tewerkstelt. In dit geval heb ik niet alle websites van middenveldorganisaties doorgenomen want dat zou onbegonnen werk zijn.. Laat ik twee voorbeelden nemen van sectoren die ik het best ken: jeugd en inburgering.

Uit De Marge is het steunpunt voor jeugdwerk en jeugdbeleid voor kinderen en jongeren in maatschappelijke kwetsbare positie. In 2012 heb ik mijn beklag gedaan over het feit dat ze in een publicatie over jongeren 35 auteurs aan het woord lieten, waarvan niet één met migratieachtergrond. Er werd mij toen beloofd dat ze meer aandacht zouden besteden aan het thema diversiteit.

Sinds een aantal jaren organiseren ze een jaarlijks congres. Ook hier valt op dat elk jaar de hoofdsprekers blank zijn en, ondanks het feit dat er tientallen sprekers aan het woord komen, kan je deze met migratieachtergrond op één hand tellen.

Begin 2015 organiseren ze een trefdag en de sprekers zijn opnieuw allemaal blank. Uit De Marge heeft 25 medewerkers, waarvan slechts 3 met een migratieachtergrond. Hun raad van bestuur is volledig blank, zoals heel waarschijnlijk 95% van alle raden van bestuur in dit land.

Bij Bon vzw, bevoegd voor inburgering in Brussel, heb ik onlangs een aantal vormingen gegeven over diversiteit. Bij Bon merkte ik al snel iets op wat typerend is voor het hele middenveld. Indien er mensen met een migratieachtergrond tewerkgesteld zijn, dan doen ze onderhouds- of basiswerk. Van de tientallen werknemers met migratieachtergrond is er geen enkele stafmedewerker, noch directielid. Ondanks de bevoegdheid (inburgering) en de werking in een diverse stad als Brussel, is de raad van bestuur van Bon volledig blank.

Uit De Marge en Bon vzw zijn geen uitzondering, want zo zijn er nog heel veel voorbeelden te vinden, overal in het land. Ik heb de afgelopen vier jaar tientallen lezingen/vormingen gegeven bij middenveldorganisaties en ook hier hoor je regelmatig dat ze geen ‘allochtonen’ vinden of dat het om inhoud gaat.

Als men ‘allochtonen’ vindt dan zijn ze goed voor de laagste jobs. Bij de andere jobs telt de inhoud, alsof mensen met migratieachtergrond geen inhoud kunnen bieden. Pijnlijk vooral bij dergelijke organisaties is dat de meeste mensen met migratieachtergrond niet echt gelukkig zijn. Ze zitten in de minderheid en worden telkens in een bepaalde hoek geduwd. Indien ze bepaalde thema’s of gevoeligheden aankaarten dan worden ze als een probleem gezien. Ik ben er zeker van dat veel mensen zich zullen herkennen in deze woorden. Indien niet, des te beter.

Burgerbewegingen

Dinsdag 16 december ging in de KVS de lancering door van burgerbeweging Hart boven Hard Brussel, en van Tout autre chose, sinds een weekje hun Franstalige tegenhanger. Er waren 10 hartenwensen voor Brussel, gaande van wensen voor de jeugd tot en met wensen inzake rechtvaardige fiscaliteit. Veel aandacht ging echter naar het slotdebat waarin het thema superdiversiteit centraal stond.

Wat begon als een inspirerende avond eindigde in mineur. De reden hiervoor was de kloof tussen twee groepen in het panel en in de zaal. Al bij de lancering van Hart boven Hard (HbH) in september uitte ik de kritiek dat ze in hun alternatieve septemberverklaring geen aandacht besteden aan mensen met migratieachtergrond. Dinsdag maakte ik de kritische opmerking dat HbH het thema diversiteit nog steeds niet ernstig neemt.

De stuurgroep van HbH is blank en ze zijn ook niet op zoek gegaan naar mensen met migratieachtergrond. Dit is waarom bijvoorbeeld deze burgerbeweging die steun krijgt vanuit het middenveld, zo goed als uitsluitend een blank publiek bereikt. Mensen in het panel, in de zaal en bij HbH zelf vonden de kritiek niet terecht. Sommigen onder hen vonden dat we niet moeten focussen op diversiteit want dat het niet uitmaakt wat je origine is. En dan heb je ook de zelfverklaarde hardcore linksen die beweren dat alles om klasse draait, niet om origine, cultuur of religie.

Het is geen of-of, maar een en-en verhaal. Bovendien het is hoog tijd dat mensen in linkse en progressieve kringen dit discours achter zich laten. Je moet mensen met migratieachtergrond niet komen vertellen wat wel of niet belangrijk is voor hen.

Door dit te doen, tonen ze aan dat ze weinig kennis en openheid hebben voor andere culturen en identiteiten. Dat is onnodig paternalisme. Je hebt ook een andere groep mensen. Met name degenen die beweren pro-diversiteit te zijn en ja, zelfs ‘dikke vriendjes met allochtonen’ omdat ze niet Vlaams Belang of N-VA hebben gestemd. Ook in deze is er niets links noch progressief.

Het feit dat ik en anderen die kritiek blijven uiten wordt ons niet in dank afgenomen. Dat is jammer want in het geval van HbH gaat het om opbouwende kritiek die ze van in het begin ter harte hadden moeten nemen en erkennen dat ze verder hadden moeten kijken dan hun blanke mailinglist. HbH beweert een burgerbeweging te zijn die solidariteit centraal stelt, mensen wil samenbrengen en verbinden. Wat betreft mensen met migratieachtergrond heeft ze tot nu toe gefaald en maakt ze dezelfde fouten als de politiek, de media en het middenveld. HbH staat nog maar aan het begin en kan en moet nu dringend dit probleem aanpakken. Bij deze een oproep aan HbH, maar ook aan mensen met een migratieachtergrond om samen te zitten en te kijken hoe ze elkaar kunnen versterken, verbinden.

Er is een alternatief

Ik heb getracht om duidelijk en scherp te stellen dat we met een probleem zitten: onze omgang met diversiteit, meer bepaald onze omgang met mensen met migratieachtergrond – want diversiteit is veel meer dan origine natuurlijk. In tegenstelling tot heel wat politici vandaag zeg ik niet : ‘Er is geen alternatief’. Ik geloof dat we wel een alternatief kunnen formuleren. Pasklare antwoorden heb ik niet, wel een aanzet.

De allereerste stap in het oplossen van een probleem is erkennen dat er een probleem is. Dit lijkt voor de meeste actoren een van de moeilijkste punten.

We dienen ook duidelijk en eerlijk te zijn over diversiteit. Indien we diversiteit als een verrijking zien dan moeten we diversiteit ernstig nemen met al haar problemen en uitdagingen. Diversiteit moet kansen krijgen om gevaloriseerd te worden.

De diversiteit van de straat moeten we institutionaliseren. Dit wil zeggen dat diversiteit zichtbaar moet zijn op politiek niveau, in de regering, de kabinetten, de administratie en in de politieke partijen. In de media moeten meer journalisten met een migratieachtergrond in dienst worden genomen, ook op het niveau van eindredactie, management en directie.

Bij het middenveld moeten mensen met migratieachtergrond die willen doorstromen, werkelijke kansen krijgen. Staf, stuurgroepen, directies, raden van bestuur… ze moeten diverser worden.  Hierbij is het belangrijk dat mensen met een migratieachtergrond die al in dienst zijn niet worden geproblematiseerd of genegeerd want dit is de reden waarom ze vaak afhaken. Integendeel, ze moeten de nodige steun krijgen om door te stromen.

Diversiteit zal de komende jaren nog meer zichtbaar worden, gezien in de grote steden vaak de helft (of meer) van de leerlingen een migratieachtergrond heeft. Deze jongeren hebben voorbeelden nodig voor hun toekomst. Om ervan te dromen dat ze leerkracht, prof, arts, rechter politicus, directeur, hoofdredacteur… kunnen worden, moeten ze ook met voorbeelden opgroeien.

Diversiteit zien we momenteel als een bedreiging, maar indien we mensen kansen geven dan is het een verrijking. Voorbeelden zijn er genoeg in allerlei domeinen: sport, literatuur, de Slimste Mens ter Wereld… Om de huidige problemen en uitdagingen aan te pakken hebben we alle talent en creativiteit nodig. Ook die van mensen met een migratieachtergrond, voor hen en voor de samenleving in het algemeen.

Bleri Lleshi is politiek filosoof en auteur van o.a De neoliberale strafstaat, EPO, 2014

https://www.facebook.com/Bleri.Lleshi

@blerilleshi

One thought on “De pijnpunten van diversiteit

  1. Bleri, why do yo keep lying?

    Liesbeth Homans heeft nooit gezegd dat racisme relatief is. in tegendeel. En ook niet in haar initiële uitspraak hierover. Ze spreekt telkens over het woord racisme, of de term racisme of het begrip racisme. En ze heeft al zo vaak verduidelijkt wat ze daarmee wil zeggen. In haar eerste verduidelijking in Knack (21 mei 2014) zegt ze letterlijk: “Ik vind ook dat iedere vorm van racisme moet worden vervolgd, maar het misbruik van de term is jammer voor de echte slachtoffers. Die er natuurlijk wel degelijk zijn”. Kan het duidelijker? So why do yo keep lying, Bleri?

    Liesbeth Homans is de eerste politica die goed beseft dat we met een probleem zitten ivm de omgang met diversiteit en met mensen met migratieachtergrond. Daarom gaat ze er iets aan doen. Maar je kan niet zomaar iemand tot dokter benoemen omdat hij of zij een migratieachtergrond heeft. Daarvoor dienen net die opleidingen voor mensen met migratieadctergrond. Scholing in vak en taal is daarvoor nodig. En dat is wat Liesbeth Homans zegt. Letterlijk zegt ze in het bewuste Knack-interview (21 mei 2014): “Als alle kinderen Nederlands spreken, en hetzelfde onderwijs volgen, met dezelfde resultaten, dan kan ik mij niet voorstellen dat er nog mensen zullen gediscrimineerd worden.” Je hebt visie nodig om de oplossing te zien. De oplossingen zien in plaats van ze te negeren, te verdraaien en/of te ridiculiseren. Liesbeth Homans bezit die visie. Ik wens jou van harte eenzelfde positieve ingesteldheid toe.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s