Home

ted-bwatuIn het eerste deel van dit thema schetste ik een kader waarin effecten van het koloniale tijdperk merkbaar zijn in onze hedendaagse samenleving. In dit deel zal deze thematiek een minder centrale plaats innemen. De essentie van dit stuk en deze gehele reeks, is om ruimte te bieden aan een subversieve denkwijze. Een inclusieve ideeënwereld waarin de waardigheid van het individu centraal gesteld wordt en die op een parallelle manier bijdraagt tot het welzijn van de gehele maatschappij.

Hoewel deze visie postmodernistisch kan klinken, is ze niet innovatief maar volledig gebaseerd op historische filosofieën, ideeën van redenaars en spiritueel geïnspireerde mensen van wie de boodschappen vaak vergeten worden. Ik begin mijn column dan ook met het bespreken van een term die meer dan 2000 jaar geleden in oud Griekenland ontstond.

Kosmopolitisme

Het is tijdens de vierde eeuw voor onze gemeenschappelijke jaartelling dat het woord kosmopolitisme voor de eerste keer opdook. Toen aan de Diogenes van Sinope (Oudgriekse filosoof uit de school der Cynici) gevraagd werd waar hij vandaan kwam, repliceerde hij, “Ik ben een wereldburger (kosmopolites).” Dit was een radicale uitspraak in een wereld waarin de identiteit van een mens uitsluitend verbonden was met zijn behoren tot de polis (stad) of Hellas (Griekenland). De culturele realiteit en de demografische verschillen binnen het Helleense rijk waren natuurlijk zeer verschillend in vergelijking met onze hedendaagse samenleving. Daarom mag men ervan uitgaan dat het begrip kosmopolitisme doorheen de tijd niet altijd dezelfde betekenis heeft gehad. Een parallel die men wel kan trekken met onze tijd is de opmars van het nationalisme waarin mensen een groeiend belang hechten aan het toebehoren tot de natie, regio en op kleinere schaal tot een bepaalde bevolkingsgroep.

Hoewel het “Kosmos burgerschap” van Diogenes radicaal tegenover elke vorm van nationalisme stond, toont de moderne vorm van kosmopolitisme meer tolerantie. Een voorbeeld hiervan is het dekoloniserings- ofwel bevrijdingsnationalisme. Dit fungeerde als bron om zich los te maken van het imperialisme van de kolonisten die de Afrikaanse en Aziatische culturen als minderwaardig beschouwden. In India lanceerde Gandhi een politieke filosofie die een symbiose was van de Hindoe- ethiek van geweldloosheid en het Indiase nationalisme. In Congo predikte Patrice Lumumba nationalisme in de vorm van respect en gelijkheid van elke cultuur als argument voor de verwerping van het imperialisme. Hoewel men deze vormen van nationalisme kan beschouwen als basisideologieën voor een rechtvaardige verstandhouding in intercontinentale relaties, moeten we waakzaam blijven voor de schadelijke effecten van het nationalisme. Zo ontstond in de 20ste eeuw in Europa het fascisme dat sterk nationalistische kenmerken vertoont.

Open Geest

Het is niet toevallig dat ik in de titel de woorden dekolonisatie en geest in eenzelfde zin hanteer. Ik inspireer mij in de eerste plaats op een interessante uiteenzetting van de Antwerpse Dr. Olivia Rutazibwa die op haar beurt geïnspireerd werd door de Keniaanse schrijver Ngugi Wa Thiongo, auteur van het boek ‘Decolonizing the Mind’. Terwijl Thiongo het accent legt op het opleggen van Westerse talen als enige volwaardige taal in de voormalige kolonies en het traumatisch effect dat dit had op de Afrikaanse cultuur, legt Rutazibwa de focus op het dekoloniseren van de Westerse geest. Hoewel ik volledig overtuigd bent van de juistheid van deze twee stellingen, wil ik mensen overtuigen van het belang van de dekolonisatie van de universele geest. Hierin zijn het niet enkel de Westerse landen die gedekoloniseerd moeten worden, maar geldt dit proces evenzeer voor ontwikkelingslanden en groeilanden.

Wat opmerkelijk is, is dat de geschiedenis van de wereld sinds de 15de eeuw nauw verbonden is met de Westerse geschiedenis. Sinds de 15de eeuw zijn de visies en waarden die aan de wereld worden opgelegd en als enige waarheid werden beschouwd, de principes opgelegd door Westerse landen. Hoewel ik het idee van democratie in theorie volledig steun, merken we dat in de praktijk binnen het systeem meer en meer mensen uit de boot vallen. Zo nam de wereld blindelings de institutionele vorm van de natiestaat over en miste men de creativiteit om andere mogelijkheden te ontwikkelen die toepasselijker zouden zijn geweest, rekeninghoudend met culturele en geografische aspecten. Pre-Koloniaal Afrika heeft een geschiedenis van enorme migratiestromen doorheen het continent. Het belemmeren van de mobiliteit binnen het Afrikaanse grondgebied door grenzen te trekken en het bestempelen van mensen als behorend tot een bepaalde stam met identiteitskaarten, bracht discontinuïteit aan de manier van ontwikkeling van het continent.

Dekoloniseren van de geest impliceert het omhelzen van alternatieve denkwijzen waar men niet enkel vasthangt aan een kapitalistisch principe van eigenbelang, maar waar dit principe verbeterd wordt. Men zou het woord ‘eigen’ moeten herdefiniëren. Een begin daarvan zou zijn om te breken met een wij-zij mentaliteit, omdat dit de grootste belemmering is van het ‘eigen’. Openheid van geest impliceert het omhelzen van inspiraties afkomstig van diverse overtuigingen. Het is enkel in een verstandhouding van mutueel respect en constructieve uitwisseling dat men als natie evolueert.

Thich Nhat Hahn (zen boeddhist en vredesactivist) spreekt van het “Interzijn” als een manier van leven in verstandhouding met de andere. Deze filosofie baseert zich op medeleven en begrip voor het voorbehoud van harmonie onder mensen, dieren, planten en mineralen. Fanatisme en intolerantie ontstaan in deze beredenering als een gevolg van indoctrinaties van eenzijdige visies. Een voorwaarde om de andere te beschouwen als gelijkwaardige is het begrijpen van zijn intrinsieke aard. Dit legt de basis van de interconnectiviteit, waardoor we erin slagen ons te herkennen in de andere en zo een andere dimensie geven aan het begrip ‘eigen’.

Deze stelling vindt men terug in culturele kenmerken in verschillende plaatsen ter wereld. Men is bekend met het drieletterwoord ‘bro’ dat in Amerika sterk gebruikt wordt onder jongeren van diverse ethniciteiten. Het is namelijk een afkorting van het woord ‘brother’ dat frequent gebruik wordt onder Afro-Amerikanen. Zo is een onbekende zwarte man voor een andere zwarte man een brother (broeder). Dit woordgebruik creëert een gevoel van verbondenheid doordat de onbekende als gelijke wordt gezien, namelijk als een broeder. Een ander voorbeeld neem ik uit de Zuid-Koreaanse hitsingle Gangnam Style. We horen hier de zanger de woorden “Oppa Gangnam style” in het refrein uitspreken. ‘Oppa’ kunnen we letterlijk vertalen naar grote broer, maar dit is ook het aanspreekwoord dat een meisje gebruikt om een jongen aan te spreken die enkele jaren ouder is dan zij. Zo verwijst een aanspreektitel in het Koreaans steeds naar een familieband, ook al is er geen bloedverwantschap. Men wordt aangesproken als broeder, zus, oom of tante. Een karakteristiek die ook sterk aanwezig is in sommige Afrikaanse landen. Dit breidt de betekenis van ‘eigen’ verder uit door van allen, de familie van de mensheid te maken.

Het ‘interzijn’ impliceert niet homogeniteit maar het tegendeel, het moedigt diversiteit aan. Hoewel ik in Brussel leef, identificeer ik me nog als Antwerpenaar, mijn accent is iets dat ik meedraag van de plaats waar ik opgroeide en dat een deel van mijn identiteit blijft. De naam Bwatu klinkt niet Antwerps, maar Congolees, om preciezer te zijn van het volk Luba. Wat maakt dit van mij een Brusselse- Antwerpse-Congolese-Luba-Europese-Belgische-Afrikaan? Ik ben een kosmopoliet en hoef geen onderscheid te maken tussen deze identiteiten want ze maken allen volledig deel uit van mijn persoon. Mijn handelen in eigen belang wordt hierdoor verbreed naar het algemener belang.

Een hedendaags begrip van kosmopolitisme kunnen we niet begrijpen zonder de barrières te doorbreken die zich door historische feiten in onze geesten hebben genesteld. Symbolische acties zijn gematerialiseerde uitingen van de geest. Zo is het verzet tegen het dragen van een hoofddoek een perfect bewijs van de belemmering van de geest ontstaan door een eeuwenlange unilaterale opgelegde visie. De kosmopoliet heeft respect voor cultuur, niet omdat de cultuur zelf van essentie is, maar omdat de mens van essentie is en voor de mens cultuur van belang is. Laten we niet meer enkel spreken over diversiteit maar over universaliteit plus diversiteit. Zo creëren we het bewustzijn dat ieder mens gelijkwaardig is en dat ons verschil ons grootste rijkdom is.

Ted Bwatu is columnist. Zijn column Ooit Zal Het Zinvol Zijn verschijnt maandelijks op Bleri Lleshi’s blog.

foto © Diego Franssens

https://blerilleshi.wordpress.com
https://www.facebook.com/Bleri.Lleshi
Twitter @blerilleshi

One thought on “Ooit Zal Het Zinvol Zijn // Dekolonisatie van de Geest (deel 2)

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s