Home

1616478_1382684171997068_542054827_nAls een waterval stroomt het leven onder mij door. Hevig, woelend, kolkend en sleurend snel. Het vergt moeite te zien wat haar stroom meevoert. Meer moeite kost het om tegen de stroom in te staan. Koude lucht en opspattende druppels bereiken mijn gezicht. Volgeschreven agenda´s. Drukke ochtenden en nog drukkere avonden. Een slepende routine. De klok tikt. Alles versnelt.

Naast het weer klagen we over de tijd die we niet hebben. Ook niet kunnen kopen.

We lijken allergisch voor de rijen in de supermarkt, voor de files rond de ring, voor de wachtkamer bij de dokter, voor de zoektocht naar een parkeerplaats. We hebben het over ´hoeveel we nog moeten doen´ en ´hoe weinig tijd we daarvoor hebben´. Supermarkten lokken consumenten met reclame als ´Drie in de rij, kassa erbij´. Daar kopen we voorgesneden groenten, panklare maaltijden en sausmixen. Als we al niet gaan voor een diepvriespizza.

Werknemers overschrijden de kantooruren, haasten zich elke morgen naar het werk waarbij de koffie in de auto klotst. Ze horen te presteren. Onder tijdsdruk. Daaraan wordt hun capaciteit gemeten. Ze zeulen werk mee naar huis, waar kindjes wachten om gebracht te worden naar muzieklessen, sporttrainingen en jeugdbewegingen. De druk veroorzaakt zowel psychologische als lichamelijk gevolgen. Overspanningen en burn-outs, waardoor werknemers elke vorm van energie missen.

In de ban van het online verkeer dat geen files kent, verliezen we steeds meer geduld. Nog nooit hadden we zoveel mogelijkheden om contact te maken met mensen die we kennen, maar ook met onbekenden. We hebben een lijst aan vrienden, geven ze de kans te kijken in ons leven, ons op de voet te volgen, kunnen ze berichten sturen en ondertussen kijken of ons bericht bekeken is. Bliksemsnel.

Maar wat ons gelukkig maakt heeft tijd nodig, wordt opgebouwd met vallen, dieper vallen en opstaan. Zodat we ons jaren later nog herinneren hoe de seconden, het tikken van de klok, de soms geïrriteerde, maar nooit hopeloze blik op ons horloge, getransformeerd is tot een zijdezacht kussen, waar we gerust op gaan slapen. Onze herinnering zal grotendeels bestaan in de vorm van tijd die anderen ons hebben geschonken.

Wat ons triest stemt heeft tijd nodig, wordt niet vergeten, maar verwerkt met vallen, dieper vallen en opstaan. Zodat we ons jaren later nog herinneren hoe de seconden, het tikken van de klok, de soms droevige, maar nooit neerslachtige blik op ons horloge, getransformeerd is tot een satijnen laken waaronder we sussend in slaap vallen. Onze herinnering zal grotendeels bestaan uit hoe we uit grotten zijn geklommen en in ijskoud water zwommen dat onze longen heeft gepijnigd, maar zelfs onze ziel verfrist heeft.

Laten we daarom de tijd nemen en massaal brieven schrijven aan overzeese verwanten en vrienden op de hoek van de straat. Laten we oneerlijke brieven verfrommelen en in inkt, niet die van de printer, andere brieven schrijven, een envelop nemen, in een uniek handschrift adressen neerpennen, de la opentrekken en een postzegel bevochtigen, op de envelop plakken, die we op de post doen en dan vol, nu mag het, ongeduld wachten. Elke ochtend de brievenbus legen met de verwachting een handschrift te zien dat je meteen zou herkennen tussen de belastingbrieven. Waarna je naar binnen zou hollen en het papier tussen je vingers zal ritselen.

Ik wil naar oorden, waar de tijd bijna stilstaat waar enkel de zon opkomt en de zon plaatsmaakt voor een nieuwe maan. Ik zal leven aan een zee die aanspoelt, zich terug trekt, mij meevoert. In zijn verandering weerspiegelt mijn maanziek bestaan. Ik heb geen wekker nodig. De zee zal me wekken met haar geur. Vanuit mijn raam zal ik uitkijken over aangespoelde schelpjes en peinzen: `Wat zal ik doen vandaag?´

Dat beeld wasemt als hete damp op mijn slaapkamerraam en verdwijnt, terwijl het gras in de tuin verschijnt. Voor even, zit ik vast. Geketend in deadlines, roosters, gemiste bussen, een routine, in leerstof, in vertrekken als het vakantie is.

Een maand geleden was ik op reis en terwijl ik rond me keek, babbelde, in de verte staarde, dichtbij, kleine winkeltjes afstofte en op elke straathoek een ijsje kocht dat ik liefst zittend wilde opeten, zag ik dat mijn vriendin zich mateloos aan mij ergerde. We zijn zowat tegengestelde polen die zoals in de fysica elkaar toch aantrekken.

´Aya, je leeft wel heel erg traag´, zei ze en ik kan haar geen ongelijk geven. Zij had diezelfde ochtend, in onze haast om ergens te ontbijten, haar lenzen uit het balkon gekieperd. Dus ja, dat probeer ik te vermijden.

Op momenten veeg ik mijn voeten aan de tijd. Ik trek met uit de sleurende waterval, zet me op een rots en wacht tot de zon mij droogt. Mijn agenda sluit ik als voorgoed en ik bekijk de gedaantes op de vlucht voor de klok.

Ik leef traag, trager, traagst.

50 jaar geleden stapten de eerste Marokkanen België binnen. 50 jaar later wil bijna de helft van de Vlamingen geen mensen van vreemde afkomst in de buurt en een kwart van de migranten voelt zich nooit aanvaard. In die vijftig jaar is technologische en wetenschappelijke vooruitgang in een hels tempo geboekt. Er zijn mensen op de maan geweest, maar we waren niet in staat dichter bij elkaar te komen, elkaar tijd, ons kostbaarste bezit, te schenken, elkaar te aanvaarden, op de verschillen verder te bouwen om tot de conclusie te komen dat we meer op elkaar lijken. Dit had voor mij wel sneller gekund.

Kom langs, de muntthee en amandelkoekjes zijn heerlijk, om te vieren dat vijftig jaar geleden de eerste jonge gasten hun vader- en moederland achterlieten, de treinen uitstapten en de fabrieken en mijnen binnenliepen. Laten we atay drinken op alles wat er in vijftig jaar gebeurd is, goed of slecht, zodat de thee onze lichamen verwarmt, doet smelten tot een warme massa verschrikkelijk verdraagzame mensen die zich haast, vol ongeduld, om iedere burger in dit land een verdiende plek te geven.

Aya Sabi is columniste. Haar column Boven de storm verschijnt maandelijks op Bleri Lleshi’s blog.

Foto @ Sylvia Sinigaglia

Volg de columns op

https://blerilleshi.wordpress.com

https://www.facebook.com/Bleri.Lleshi

@blerilleshi

One thought on “Boven de storm // Nunc est bibendum: Atay

  1. Prachtig stukje tekst. Wat leuk dat je zowel de positieve als de negatiefe dingen raakt maar toch zoekt naar de menselijke toenadering als een positieve noodzaak.
    mss een ideetje voor jou om kaartjes over heel de wereld te krijgen: postcrossing.com . En success met je toenaderingspogingen.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s