Home

BleriLleshiOnlangs kwam ik een dakloze tegen in de wasserette in mijn buurt. Hij vroeg me of het ziekenhuis ver van hier was. Hij bleek zwaar toegetakeld te zijn door een aantal mensen midden in de nacht. Het was niet de eerste keer blijkbaar. En ik weet wel dat dit soort voorvallen vaak plaatsvindt in Brussel. Daklozen worden regelmatig in elkaar geslagen, meestal gewoonweg voor de lol. Behalve onbekenden is het vaak ook de politie die daar plezier in vindt, daklozen een pak rammel geven.

Zijn bovenbeen bleek fel ontstoken te zijn. Ik raadde hem aan niet lang te wachten met het na te laten kijken. Zo raakten we aan de praat. Hij had het een beetje moeilijk met het uitspreken van mijn naam en dus besloot hij om mij Capitaine Haddock te noemen omdat ik, zo vond hij, op hem leek.

Koning Albert

We zaten te praten over hoe hij op straat was geeïndigd en hoe hij zelfs op straat niet met rust werd gelaten. Doorheen ons gesprek hadden we het ook over politie en politiek en wat ze ondernemen voor daklozen. Het daarop volgend moment haalde hij een collectie euromunten boven. De achterkant van deze munten bleek dezelfde te zijn, het portret van koning Albert II. En dit was niet toevallig want hij keek recht in mijn ogen en zei: “Dit is onze koning en wij zouden hem allemaal, het maakt niet uit welke afkomst, kleur of stand, moeten respecteren”. Heel fier stak hij de munststukken weg.

Ik vond het heel triestig. Ik dacht aan die duizenden Vlamingen die van dezelfde koning niets moeten hebben en hem eigenlijk liefst kwijt zouden zijn. Nochtans genieten ze alle rechten en voordelen binnen het koninkrijk België, terwijl clochard Alain hier voor mij, diezelfde rechten al lang kwijt is. Wat heeft hij dan aan de koning te danken, dacht ik? Ik begreep het niet. Uiteindelijk heb ik me ingehouden en er niets over gezegd, want wat heeft het voor zin om hem het laatste beetje trots dat hem overbleef te ontnemen.

Opnieuw op straat

Brussel zit vol met daklozen zoals Alain. En alsof dit niet genoeg zou zijn, komen er nog bij. Vandaag loopt het winterplan voor extra opvang van daklozen in Brussel af. 350 mensen zullen de nacht opnieuw op straat moeten doorbrengen. Onder deze groep daklozen zijn ook 12 families.

Hun situatie is bekend: sociale uitsluiting, armoede, psychologische en sociale problemen, drank- en drugsverslaving, toenemende agressie, en over de levensomstandigheden hoef ik niet veel te zeggen, want wie langs de treinstations in Brussel passeert, heeft het zelf gezien.

Het aantal daklozen is de laatste 30 jaar sterk toegenomen. Er zijn steeds minder banen en meer armen; de afbouw van de welvaartstaat en de komst van groepen zoals mensen zonder papieren en asielzoekers maakt dat om de hoek daklozen te zien zijn. En we zien alleen diegenen die zich zichtbaar tonen.

Jongeren en vrouwen

De daklozen zijn niet langer blanke mannen uit de middenklasse zoals vaak het stereotype doet denken. Steeds meer jongeren en vrouwen eindigen op straat. Het wordt steeds moelijker voor de mensen om adequate huishoudinkomens te verzekeren en die te behouden. Het probleem van de daklozen wordt dus erger. Het dramatische voorval van een aantal dagen terug in het Zuidstation is hier een voorbeeld van.

Het lijkt er niet op dat er een duidelijk antwoord van de overheid op zal komen. Integendeel, wat de overheden en andere instanties al jaren doen is een gepingpong van het afschuiven van verantwoordelijkheden. Een conclusie wordt in elk geval duidelijk en dat is dat de overheid dit probleem niet weet aan te pakken of misschien zelfs niet wil aanpakken.

Alleen als een harde winter toeslaat en de onmenselijke toestand van de daklozen voor de voorbijgangers zichtbaar is, dan roept de overheid de solidariteit in van iedereen om het probleem aan te pakken. Maar zodra de lente terugkomt, gooit ze deze mensen terug op straat, daar waar ze “thuishoren”. Want mensen als Alain hebben geen rechten en de overheid voelt zich dan ook niet geroepen om de verantwoordelijkheid op zich te nemen voor mensen zonder rechten.

Meer middelen nodig

Wil men het probleem echter aanpakken, dan moet er samenwerking komen tussen de federale en lokale overheden, samen met de andere bevoegde instanties, die tot directe actie leidt. Er moeten meer middelen vrij gemaakt worden zodat daklozen meer kansen krijgen om hun menselijk, sociaal en financieel kapitaal te verbeteren.

Sociale netwerken en sociale interactie zijn belangrijke mechanismen om deze mensen een kans op een gewoon leven te bieden. Maar wat eerst en vooral aangepakt moet worden is huisvesting. Het gebrek aan sociale en betaalbare woningen in Brussel wordt al jarenlang aangeklaagd, maar op het terrein verandert er bitter weinig. De prijzen blijven alsmaar stijgen en steeds meer mensen eindigen op straat. Daklozen zullen er altijd zijn, maar we kunnen ongetwijfeld iets doen en tenminste het probleem niet groter laten worden.

Uit: http://www.deredactie.be 31-03-10

One thought on “Capitaine Haddock en clochard Alain

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s