Home

Brussel – Temidden van de commotie omtrent veiligheidsproblemen in de achterstandswijken van Brussel vraagt politoloog Bleri Lleshi eerlijke aandacht voor elk individu dat Brussel mee gestalte geeft, om zo een einde te kunnen maken aan het eeuwige ‘wij-zijverhaal’.

In Brussel vormen jongeren de grootste bevolkingsgroep. De jongerenwerkloosheid ligt boven de 35 procent en in de armste wijken loopt ze op tot 50 procent. 30 procent van de Brusselse bevolking leeft onder de armoedegrens. Het zijn maar enkele cijfers uit het pas verschenen boek Brussel! van Eric Corijn en Eefje Vloeberghs.

Veel van deze jongeren worden met een harde realiteit geconfronteerd. De negatieve sociale spiegel, stigmatisering, discriminatie, structureel ongelijke kansen en inferieure scholing maken dat de strijd daartegen harder wordt. Tegelijk zijn deze jongeren de volwassen Brusselaars van morgen. Gaan zij de toekomst van de stad in handen kunnen nemen? En op welke manier? Een vraag die gesteld dient te worden. Daarom is het heel belangrijk om de jongeren en hun identiteiten te proberen begrijpen. Maar identiteit is een complex gegeven, en is dat des te meer in het geval van jongeren in een multiculturele stad.

Op papier leven we in een land en een stad die diversiteit als verrijking ziet. Maar handelen we er ook naar? Ik meen dat we in eerste instantie die diversiteit ernstig moeten nemen. Daarbij moet onze focus niet langer op een bepaalde groep gericht zijn, maar eerst en vooral op elk individu, dat tegelijk bij verschillende groepen kan behoren. Diversiteit moet daarnaast ook hand in hand gaan met gelijkheid. Er kan in geen geval sprake zijn van gelijkheid als ‘autochtonen’ aan ‘allochtonen’ vragen om te worden zoals zij. Een samenleving kan niet tegelijk multi- en monocultureel zijn.

De interculturele contacten met de ander lijken voorlopig niet veel opgeleverd te hebben als de ander nog steeds een vreemde is of zelfs nog met de dag vreemder wordt voor ons. Zo wordt de ander ook als een dreiging, een vijand gezien. En in die sfeer wordt dan vaak gezegd dat de tolerantie van de westerse maatschappij tot haar eigen destructie zal leiden. Diversiteit wordt nog steeds geproblematiseerd. Er wordt weinig ruimte gelaten voor anderszijn, terwijl dat juist enorm belangrijk is. Want identiteit vereist verschil om te kunnen bestaan. Het vermogen om met verschillen te leven, ervan te genieten en er voordeel uit te halen, komt niet gemakkelijk tot stand op eigen kracht. Dat vermogen is een kunst die oefening vergt. Hoe sterker de homogeniteitsgedachte binnen de samenleving, hoe moeilijker het wordt voor de ander om zich thuis te voelen in die samenleving.

Respect
We moeten de hegemoniale identiteitsconstructies dus uitdagen en op een nieuwe manier trachten te denken over heden en verleden. Binnen de context van diversiteit moeten we nadenken over wie we zijn, hoe we zijn geworden tot wie we zijn, en wat we willen worden. Volgens mij dit doen we dit best via de dialoog.

In dialoog treden met de ander is echt luisteren en verwerken wat de ander aan ons communiceert; het is niet louter een opeenstapelen van ideeën en opinies. De dialoog vraagt immers de verschillende culturen te respecteren en ze samen te brengen in een creatief samenspel. Ze daagt de hegemonie van de dominante cultuur uit en legt de partijdigheden en beperkingen bloot. Ze draagt bij tot de creatie van een cultuur waarin iedereen iets van zichzelf terugvindt, waarop we trots zijn, omdat we ze samen tot stand hebben gebracht. In die zin is interculturaliteit open, interactief, dynamisch en creatief. Haar belangrijkste doelstelling is het creëren van condities opdat verschillende culturele gemeenschappen zich waardig en gerespecteerd voelen, waarbij zij in een overeengekomen systeem van rechten en plichten kunnen interageren.

Als eerste stap in dit proces moeten we een ontmoeting met de Ander aandurven. Het doel van die ontmoeting is niet de Ander in de hand te houden, maar eerder samen te zoeken naar een gemeenschappelijkheid en het streven naar meer begrip voor de Ander. Het is daarbij heel belangrijk op welke manier we in gesprek treden en hoe we onze gesprekpartner(s) behandelen. Eigenlijk zouden we er in zo’n gesprek altijd moeten van uitgaan dat de Ander gelijk heeft. Omdat we op een dergelijke manier pas echt het anderszijn van de Ander erkennen en onze eigen visie in vraag stellen. Dat wil niet zeggen dat we alles wat de ander eist en wil, blindelings moeten volgen. De wil om te luisteren en te erkennen wat de ander zegt, is een vertrekpunt.

door: Bleri Lleshi

Uit: Brussel Deze Week 05-02-10

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s